Opvattingen over klimaatverandering
De opvattingen over klimaatverandering waarin we vaak het meest geïnteresseerd zijn, zijn of iemand het ermee eens is dat klimaatverandering plaatsvindt en of iemand gelooft dat de klimaatverandering die nu plaatsvindt grotendeels wordt veroorzaakt door de mens. Met andere woorden, we willen weten of bepaalde groepen meer of minder sceptisch zijn over klimaatverandering en de oorzaken ervan.
In Europa zijn de meeste volwassenen het er tegenwoordig over eens dat klimaatverandering inderdaad plaatsvindt en dat de verandering van het klimaat ten minste gedeeltelijk wordt veroorzaakt door menselijke activiteiten [4]. In Nederland bijvoorbeeld zegt 93% van de volwassenen dat het klimaat verandert, en 61% is het ermee eens dat deze verandering grotendeels of geheel wordt veroorzaakt door menselijke activiteiten. Slechts 6% gelooft dat klimaatverandering grotendeels of geheel wordt veroorzaakt door natuurlijke processen [2]. Er zijn enkele kleine verschillen in de opvattingen over klimaatverandering tussen leeftijdsgroepen: ongeveer 95% van de volwassenen van 65 jaar en ouder is het ermee eens dat klimaatverandering plaatsvindt, vergeleken met ongeveer 92% van de jongere volwassenen (18- tot 35-jarigen). Echter, meer dan 65% van de jongere volwassenen is het ermee eens dat klimaatverandering grotendeels of geheel wordt veroorzaakt door menselijke activiteiten, terwijl maar ongeveer 55% van de oudere volwassenen van 65 jaar of ouder dit gelooft [2].
In sommige onderzoeken is een generatiekloof gevonden in de opvattingen over klimaatverandering. In Nieuw-Zeeland, bijvoorbeeld, toonde een onderzoek naar het geloof in klimaatverandering in de loop van tien jaar aan dat oudere generaties begonnen met lagere niveaus van overtuiging, maar de toename in overtuiging vergelijkbaar was tussen de generaties [5]. Andere individuele verschillen, zoals politieke voorkeur (voorkeur voor linkse of rechtse partijen) en opleidingsniveau spelen vaak een voorspelbare rol in de overtuigingen over klimaatverandering. Het effect van deze factoren is niet overal in Europa hetzelfde [4]. Sommige leeftijdsverschillen bestaan ook alleen voor bepaalde politieke overtuigingen: In de VS geloven jongere Republikeinen vaker in klimaatverandering dan oudere Republikeinen, terwijl voor Democraten de opvattingen over klimaatverandering vergelijkbaar zijn tussen de leeftijden [6].
Emoties rond klimaatverandering
Jongere en oudere volwassenen verschillen in de emoties die ze voelen rond klimaatverandering. Dergelijke emoties zijn onder andere het bezorgd zijn over klimaatverandering, zich schuldig voelen over het feit dat ze niet er genoeg tegen doen en zich hopeloos voelen over de toekomst. Jongere volwassenen ervaren meer negatieve emoties rond klimaatverandering dan oudere volwassenen [3,7].
In Nederland daarentegen geven oudere volwassenen aan zich meer zorgen te maken: Oudere volwassenen (65 jaar en ouder) vinden klimaatverandering nu al een groot probleem (67%) en maken zich grote zorgen over de gevolgen voor toekomstige generaties (ongeveer 42%) dan jongere volwassenen (18- tot 35-jarigen), van wie 59% vindt dat klimaatverandering nu al een groot probleem is en ongeveer 31% zich grote zorgen maakt over toekomstige generaties [2]. Dit verschil kan komen doordat er andere vragen zijn gesteld: zorgen werden alleen beoordeeld voor toekomstige generaties, en er werden geen vragen gesteld over gevoelens op dit moment.
Naast zorgen en schuldgevoelens worstelen jongvolwassenen ook vaker met klimaatangst dan oudere volwassenen [8]. De laatste jaren is er meer aandacht gekomen voor klimaatangst. Wanneer iemand klimaatangst ervaart, voelt die zulke intense zorgen en angst rondom klimaatverandering dat die niet normaal kan functioneren.
Hoe zit het met de jeugd?
Onderzoeken gericht op kinderen, jongeren en jongvolwassenen laten zien dat zij negatievere emoties hebben over klimaatverandering dan volwassenen. In Nederland bleek bijvoorbeeld uit een recent onderzoek van Milieudefensiejong dat 77% van de jongeren (16-30 jaar) klimaatverandering een groot probleem vindt [9], vergeleken met 66% van de Nederlandse volwassenen over alle leeftijdsgroepen [2,10]. Uit het onderzoek bleek ook dat één op de vijf jongeren in Nederland regelmatig of vaak stress ervaart over klimaatverandering en dat elke derde jongere wel eens stress ervaart over klimaatverandering [9]. Uit een breed onderzoek onder Nederlandse tieners tussen de 13 en 17 jaar bleek dat zij zich grote zorgen maken over klimaatverandering. Ze geven het een score van 8,3 op een schaal van 1 (zeer weinig zorgen) tot 10 (zeer veel zorgen), waarbij 44% zich meer zorgen maakt over klimaatverandering dan over andere maatschappelijke problemen zoals oorlog en armoede [11].
Wereldwijd lijken jongeren tussen 16 en 25 jaar nog meer negatieve emoties over klimaatverandering te hebben dan jongeren in Nederland. Meer dan de helft maakt zich grote zorgen en voelt zich verdrietig, angstig, boos of hopeloos over klimaatverandering [12]. Deze negatieve gevoelens hangen samen met de opvatting van jongeren dat de overheid onvoldoende reageert op klimaatverandering.